Mt. 18, (1) + 15 - 20

Els Vis

Een klein verhaaltje: “Het is heel erg koud. Enkele stekelvarkens komen bij elkaar om te overleggen hoe die kou te overleven. Het oudste stekelvarken zegt: “Kunnen we niet beter dicht tegen elkaar aankruipen om ons zo te beschermen tegen de gure wind?” Dat doen ze, maar bij de eerste poging loopt het al mis…. Door hun stekels doen ze elkaar zo’n pijn, dat ze besluiten dat het beter is als ieder zijn eigen weg gaat. In de vrieskou dreigen ze echter dood te vriezen en dus zoeken ze elkaar opnieuw op. Nu moeten ze kiezen: sterven of de stekels van de ander aanvaarden. Ze kiezen ervoor om samen te blijven en om te leren omgaan met de wonden die dat met zich meebrengt.”

Leren om te gaan met die stekelige ander. De lezingen vertellen ons die ander te vermanen, hem aan te klagen, tot inkeer te bewegen. Ik wil dit wat nuanceren. Want wie zijn wij om de ander de maat te nemen? We doen het volop – ik kan er zelf ook wat van – maar is het niet beter om de tekortkomingen van de ander te bezien in het licht van de tekortkomingen die wij zelf ook meer dan genoeg in huis hebben? Jezus zegt niet voor niets: “Waarom kijk je naar de splinter in het oog van je broeder of zuster, terwijl je de balk in je eigen oog niet opmerkt?” 

Dit gezegd hebbende, het overkomt ons natuurlijk allemaal wel eens dat iemand ons vervelend behandelt, een hak zet of ons vertrouwen beschaamt. En dan is het goed om dat onder vier ogen met diegene uit te spreken, want alleen hij kan jou erkennen in jouw gekwetstheid. Ook worden we regelmatig geconfronteerd met mensen die anders in het leven staan. Die hun grof vuil niet wegbrengen, maar op straat dumpen. De Nederlandse vlag ondersteboven ophangen. Fel protesteren tegen de komst van een azc. We ergeren ons dood aan elkaar en bestrijden elkaar met ons eigen gelijk. Maar luisteren we ook naar elkaar? Weten we wat die ander drijft om zo’n standpunt in te nemen? Kennen we zijn verhaal? Willen we dat überhaupt kennen?

Nu wordt het moeilijk. Nu komen we aan op de plek der moeite: niet wegrennen naar ons eigen vertrouwde wereldbeeld, maar blijven staan op de plek waar het schuurt. Waar je die vreemde ander tegenkomt en luistert naar wat hij te zeggen heeft. Een mooi voorbeeld daarvan vond ik het Nationaal Burgerberaad Klimaat. 175 verschillende mensen uit het hele land kwamen zeven keer bij elkaar. Van jong tot oud, van hoog- tot laagopgeleid, met uiteenlopende achtergronden en meningen over klimaatbeleid. Dat beraad ging niet vanzelf, zo vertellen zij. Je moet naar elkaar luisteren, proberen ieders belangen te begrijpen en dat kan erg vervelend en moeilijk zijn. 

Uiteindelijk brachten zij samen een advies uit en ze riepen de Tweede Kamer op om die te bespreken op dezelfde manier als zij hadden gedaan: “Luister echt naar elkaar. Je kan fundamenteel met elkaar van mening verschillen en toch oplossingen vinden en besluiten nemen waar een grote meerderheid achter staat. Zodat we samen verder komen.'' 

Een inspirerend voorbeeld van hoe de plek der moeite een plek is waar een belangrijk verschil te maken valt, waar je zingeving ervaart. 

Want het geeft zin om te ontdekken dat het niet om mij gaat, dat het niet om jou gaat, maar dat het om óns gaat. Wij zijn als mensen verantwoordelijk voor elkaar. Met al onze verschillende culturen, gewoonten, denk- en leefpatronen, lijkt dat een onmogelijke opgave. Maar het is de diversiteit van de schepping. Wij zijn geschapen als broeders en zusters. God vraagt ons: “Mens, waar is je broer? Waar is je zusje?” Ja hoor eens, ik heb genoeg aan mezelf. Ben ik mijn broeders hoeder? Ja! zegt Ezechiël ons namens God. Jij bent als waker aangesteld over je broeders en zusters. Heb oog voor elkaar.

En dat kan al heel klein. Jezus verzekert ons dat saamhorigheid tussen twee mensen hier op aarde al zijn weerslag heeft op de eeuwigheid. Wat op aarde bindend of ontbonden is, zo zal dat ook in de hemel zijn. Nu las ik dat het Griekse werkwoord voor binden niet vérbinden betekent, maar ketenen, belemmeren. En ontbinden mogen we lezen als losmaken, bevrijden. Eigen gelijk, haat of woede kan ons gevangen houden, ons van generatie op generatie binden in een eindeloze spiraal van onbegrip en verdeeldheid. Luisteren naar de ander, op zoek gaan naar wat ons samenbrengt, kan ons daaruit losmaken. Dat is de kracht van saamhorigheid.

Oké. We kunnen dus klein beginnen. Zoals Sire ons uitnodigt om contact te maken met onze medemens onder het motto: een praatje maakt je dag. Nu nog gaan doen. Een keer niet met mijn koptelefoon op in de trein me afsluiten van iedereen die net als ik op hun schermpje zit te kijken. Niet voorbijlopen aan de mensen in mijn straat die in een djellaba lopen en mijn taal niet spreken. Hoe verschillend ook, wij allen zijn Gods schepping en die werkelijkheid is oneindig veel groter dan de werkelijkheid zoals we die voor onszelf gecreëerd hebben.

Ik weet niet meer van wie het is, maar ik las een mooie uitdrukking: Qui n'entend qu'une cloche, n'entend qu'un son. Vive le carillon! Wie niet meer dan één klok hoort, hoort slechts één geluid. Leve het carillon. Leve het hemels klokkenspel van de meerstemmigheid. In de film As it is in heaven wordt dat prachtig in beeld gebracht. Een koor van uiteenlopende mensen, allemaal met hun eigen problemen en gebreken, die elkaar soms pijn doen, elkaar soms niet begrijpen. Zij leren te zingen in hun eigen grondtoon én te luisteren naar de grondtoon van de ander. Al die verschillende klanken samen vormen uiteindelijk één hemelse harmonie. De regisseur van deze film schreef een mooi boekje waarin hij zegt: “Er zijn maar twee manieren om met anderen om te gaan. De ene is vanuit angst, de andere is vanuit liefde. En die twee kun je nooit tegelijk ervaren.” Als tip geeft hij mee om twee regels uit je hoofd te leren. Komt ie: 

ANDERE MENSEN ZIJN GEVERS VAN LIEFDE

OF ANGSTIGE MENSEN DIE VRAGEN OM LIEFDE.

 

Iets anders is er niet.