Lc. 9, 28b – 36
Eerste lezing Exodus 34 : 27-35
Evangelie: Lucas 9: 28b-36
Datum: 16 maart 2025
Overweging door Tineke C.M Renkema-Boersma
Met Hem de berg op De lezingen uit oude en nieuwe testament sluiten vandaag naadloos op elkaar aan. De berg op! De plaats waar hemel en aarde elkaar lijken te raken. Daar waar het stil is, heel stil, het zicht ruim en helder. Wie ooit de berg opging, weet hoe ontzagwekkend dat kan zijn, hoe dat kan raken aan een diep verlangen: die verbinding tussen hemel en aarde, tussen God en mens.
Mozes ging de berg op om de tien woorden opnieuw te ontvangen. Tien woorden, richtingwijzers om te leven met God, met elkaar. woorden, opnieuw gegrift in stenen platen. Stenen platen die Mozes eerder in stukken gooide toen het volk het wachten niet uithield, zich een god maakte van eigen maaksel. Veertig dagen en nachten bleef Mozes daar op die berg. Daarna daalde hij af, met die stenen platen.
Tien woorden om de weg van bevrijding te kunnen gaan,
om ook onze weg te gaan,
die weg van angstland naar beloofd land!
We hebben er weet van.
Hoeveel angst is er niet in de wereld,
hoeveel goden naar eigen maaksel
hoeveel verlangen naar bevrijding.
Mozes gezicht straalde. Zó dat hij zijn gezicht moest bedekken met een doek Ja, dat kán gebeuren als woorden van God in een mens afdalen, als woorden in een mens gegrift worden, zo ingekerfd dat ze gedaan moeten worden, een heilig moeten.
Jezus gaat evenals Mozes de berg op,
uitstijgend boven het tweedimensionale
dáár waar de mens met God verkeert.
Hij neemt drie van zijn leerlingen mee.
Zij zijn getuige van wat komen gaat.
De woorden die hij eerder sprak
(wij hoorden ze gisteravond nog)
over zijn weg van lijden, over je leven verliezen omwille van Hem, klinken nog in hun oren.
Wat hoor ik dan? Wil ik dat horen?
Want waar ik met Hem gaan, is zelfbehoud geen optie!!
Daar waar mijn leven om mijzelf draait,
daar breng ik schade toe aan mijn ziel.
schade aan die kern in mij, die op God en de ander is afgestemd.
Ik hoor: Dat Zijn weg een weg is omwille van, van ondanks alles, en toch wat er ook gebeurt. En wat er zal gebeuren? We weten het: de kerkelijk leiders zullen zich tegen Hem keren. Ze zullen Hem doden!
Hij gaat de berg op.
Ja, een leven dat niet om mijzelf, om ons draait
Dát vraagt om die derde dimensie:
stilte, ruimte en helderheid, nabijheid van God.
Hij gaat de berg op.
In die nabijheid verandert heel zijn aanblik,
heel zijn wezen witter dan sneeuw.
Daar op die berg is ook Mozes in wie het vuur brandde geroepen om het volk te bevrijden uit de slavernij Daar is ook Elia Ook in hem brandde een heilig vuur. Hij verzette zich met hart en ziel tegen alle afgoderij, om uiteindelijk God te ervaren. Nee, niet in die zachte bries, zoals veelal vertaald wordt, maar in die fijngestampte stilte. Mozes en Elia: wet en profeten komen aanwezig daar op die berg En deze drie spreken met elkaar, ja over die doortocht, die weg van lijden en dood. Dat dat niet anders kan, dan daar doorheen..
Willen wij, zoals wij hier zitten, dat eigenlijk wel horen?
Sterven aan onszelf, uittocht uit onszelf, doortocht
onderweg naar beloofd land?
De drie leerlingen zijn in ieder geval slaap gevallen
Te groot: ze kunnen het niet aan, nog niet!
Wakker geworden is er maár één gedachte:
Dit moet en zal zo blijven!
Nee, niet afdalen naar die harde realiteit
van die weg door lijden en dood.
We willen in plaats daarvan onze tent opslaan
om te kunnen blijven op die hoogte,
daar waar het zicht ruim is en helder
Ontstijgen aan de realiteit van goed en zoveel kwaad.
Als dat eens zou kunnen?
Maar nee, er worden geen tenten opgeslagen,
Wel klinkt er opnieuw die stem
die er was bij zijn doop
die stem die Hem zal dragen,
de stem die Hij zal behoeden en bewaren
dwars door het donker heen.
Opnieuw klinkt die stem :
Dit is mijn Zoon, de uitverkorene, luister naar Hem.
Dit is de stem van het geliefd zijn, aanvaard zijn.
Waar dat onszelf ooit overkwam
vaak in de stilte gehoord
waar we ons, al is maar even,
onttrokken aan het leven van alledag,
van het lawaai, van werk, van al wat ons bezet.
Die stem die gehoord kan worden
als we de berg op gaan, waar het zicht ruim is en helder,.
Ja! Ja, dáár kan die stem ons overkomen!.
En waar die stem klinkt
vraagt dat om in de realiteit te worden geleefd.
Die stem zal ook ons dragen
Dat is Leven met een hoofdletter.
Wat is dat dan voor een Leven?
Zoekend naar de kern, dacht ik:
Dat is een leven waar de ander
wat er ook gebeurt, nooit uit mijn zicht verdwijnt.
Eenmaal gehoord, ervaren die stem in de hoogte
vraagt dat om bewaard te worden in de diepte,
zoals Hij ons voorging.
Bewaren in dagen van doortocht,
waar het heldere perspectief ontbreekt,
in heel de weg die ik ga, die wij gaan
dat bewaren: ‘Jij bent mijn geliefde, mijn uitverkorene,
Zie die ander, die is als jij.’
Bewaren die stem uit de hoogte die zegt:
‘Jullie zijn Mijn geliefde gemeenschap’
Bewaren Zijn stem tussen ons in.
Gave!. Opgave!