Mat. 9, 9 – 13
- Lezing
- Jesaja 57: 14 – 19
Titel: Samen aan één tafel
Jezus gaat zijn weg.
Hij had een verlamde,
zijn zonden vergeven, de relatie hersteld
en hem zo weer op zijn voeten gezet.
De Farizeeën dachten er het hunne van:
Zonden vergeven: Hij?
Wie denkt Hij wel niet dat Hij is?
Jezus gaat zijn weg verder.
Hij ziet Mattheüs bij het tolhuis.
Een tollenaar dus.
Een man, die belasting int voor de Romeinse bezetter,
die meer vraagt dan moet worden afgedragen
en dat zichzelf toe eigent.
Mattheüs, de tollenaar, een niet graag geziene.
Mensen keren hem de rug toe.
Hij wordt met de nek aangekeken.
Jezus ziet de niet geziene! Wie ziet hij? De Hebreeuwse naam van Mattheüs betekent: Geschenk van de Heer. Is dat wat Jezus ziet? Hoe deze tollenaar bedoeld is? Zag Jezus, diep verscholen, het verlangen van Mattheüs om weggeroepen te worden uit zijn donker bestaan? Bedoeld om je een geschenk te weten en een geschenk te zijn voor een ander? En: Dat is nu precies het tegenovergestelde van het je toe eigenen wat niet van jou is.
Oog in oog : Jezus en Mattheüs.
Niets meer tussen hen in,
behalve die woorden van Godswege:
‘Volg mij’.
Korter kan het niet.
Hoe ingrijpend zo’n roepstem:
In die spanning gebracht worden tussen verlangen en angst.
Zal Mattheüs zich wagen? Zullen wij ons wagen?
Mattheüs staat op.
En: Hij volgt hem!
Dat hoort dus bij elkaar: opstaan en volgen.
En dan:
Er wordt maaltijd gehouden
door Jezus en zijn leerlingen,
samen met tollenaars en zondaars.
Ongehoord!
Zij waren naar hem toegekomen
die tollenaars en zondaars.
Jezus keert zich niet bij voorbaat af van mensen
die de verbinding tussen de ene mens en de ander
kwetsten, verwondden.
Hij keert zich niet af van mensen
die hun bestemming verloochenden
Samen aan één tafel!
Om te komen tot zichzelf, tot hun stil en diep geheim.
Jezus doet, wat God doet bij monde van de profeet Jesaja.
God straft mensen, verbergt zich in woede
ten aan zien van mensen met hun hebzucht.
God heeft dat gezien!
En toch, ondanks alles, zo lazen we:
Hij zal hen genezen.
Hij zal hen barmhartigheid bewijzen.
De Farizeeën zien het gebeuren:
die maaltijd met tollenaars en zondaars
Ze zien het met lede ogen aan
als Jezus Gods wil doet.
De Farizeeën zien niet, maar bezien!
Dat is een zien met vraagtekens:
Kan dit wel, hoort dit, mag dit wel?
Ze gaan niet met Jezus zelf in gesprek.
Ze wagen het niet hem rechtstreeks te vragen.
Gaan niet oog in oog staan.
Ze vragen het zijn leerlingen!
Waarom?
Waarom aan tafel met zondaars en tollenaars?
Solidair zijn met armen en zieken : ja natuurlijk,
maar met tollenaars?
Solidair met mensen die zich verbinden
met de bezetters en daar ook nog van profiteren?
Is dat niet een brug te ver?
Is dat geen verraad aan eigen volk?
Waarom doet jullie leraar dat?
Jullie weten toch dat omgaan met zondaars en tollenaars
gevaarlijk is voor je eigen ziel?
Waar je mee omgaat, daar word je immers door besmet.
Pas toch op: Je moet wel van zeer goede huize komen,
op zeer stevige grond staan,
wil je je inlaten met hen,
die van het goede leven genieten.
En dat ten koste van anderen?
Ja , de angst van de Farizeeën is groot
En uit angst wordt vastgelegd wat mag en wat niet mag,
een scherpe scheidslijn getrokken.
Dus: Niet omgaan met tollenaars en zondaars!!
De leerlingen antwoorden niet.
Begrijpen zij het eigenlijk ook niet?
Nog niet?
Ze staan nog niet met Hem op stevige grond
Later ooit, als zij de weg met Hem gegaan zijn!
Ja, dan zullen ze zelf antwoorden.
Nu reageert Jezus:
Allereerst: Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieken wel! Ja, jullie Farizeeën hebben gelijk. Er is wel degelijk sprake van ziekte en zonde bij mijn disgenoten Maar juist daarom: Het gaat om gezond worden. Het gaat om de mogelijkheid om heel te worden, om mens worden om te worden wie je bent, zoals je bedoeld bent. Daarom samen aan één tafel Al is het ongehoord.
Samen aan die ene tafel, in die ene gemeenschap
waar de barmhartigheid centraal staat.
God om mensen bewogen
Wees dan mens om mensen bewogen
Laat je hart niet verstenen
omdat je bang bent,
en de angst eronder wil houden door moeten, plicht, wet.
Daarom samen aan tafel, samenleven in één gemeenschap.
Samen aan tafel
om te weten waartoe je geroepen bent,
om te zien de ongezienen,
om te zien, dat zij wellicht hun hart ooit verloren
omdat er teveel kwaad aan gebeurde
om geheeld te worden en te helen.
Samen aan één tafel
om óm te zien
naar hen, die gezocht hebben te overleven
in plaats van te leven
en daarbij op zichzelf terugvielen
en leefden ten koste van de ander.
Ja zeker: Dat is zonde.
Daarom juist: samen aan tafel om hen te laten weten
dat zij niet uit Gods genade vallen.
Daarom leven in een gemeenschap
met al onze verschillen
met ons goed en kwaad
onze soms zo gebrekkige en op onszelf gerichte liefde
Dat kan omdat Hij in ons midden is
En niemand uit Zijn genade valt.
Zo worden wij verbonden!