Luc. 14, 24 – 35
- Lezing
- Wijsheid 9, 13-18
Verliezen en ontvangen
Jezus volgen in onze tijd. Hoe doe je dat en welk beeld heb jij erbij?
Het zal ik wel een beetje met mijn karakter samenhangen, maar bij ‘volgen’ ben ik toch altijd uitgegaan van ACTIE, NU, METEEN, en ALLES.
En waar is Jezus nu? Want als ik hem wil volgen in deze tijd? Dan heb ik ook te maken met de wetten van de economie. Mijn bedrijf moet ook winst maken, misschien wel ten koste van anderen. En in mijn bedrijf moet ik ook mensen ontslaan, wat we ook onlangs gedaan hebben. En als ik naar een klant ga, dan kan ik niet altijd de trein nemen, dan heb ik een auto nodig en vervuil ik dus mee. Ik doe dus mee aan de klimaatverandering waar we allemaal in onze he hele wereld onder lijden.
Ik wil Jezus volgen, en wat doe ik dan als de oorlog is, zoals nu in de Oekraïne? Ik ben opgeleid als soldaat; moet ik dan daar naartoe? Of moet ik gewoon heel veel geld sturen om mensen daar te ondersteunen? Welke acties zijn nodig om ervoor te zorgen dat de klimaatverandering minder wordt, zoals nu merkbaar is bij de overstroming en Pakistan. Of de mensonterende toestanden in Ter Apel voorkomt? Moet ik gaan protesteren? Moet ik een facebook pagina oprichten? Hoe kan ik hem nu/meteen/alles! Volgen?
Op één van mijn dagelijkse wandelingen, toen ik deze lezing in het overdenken was, merkte ik al lopende dat Jezus ook niet iemand is van nu/meteen/alles!, want hij gaat zijn weg naar Jeruzalem. Zijn bestemming. Daar heeft hij ook zijn tijd voor nodig. Daar heeft ie ook z'n tijd voor genomen. Stap voor stap.
Wat hij wel vraagt vandaag? Om compromisloos te leven, en ons leven te prioriteren: wat doen we wel en wat doen we niet? En als we een keus hebben, welke keuze nemen we dan? Welke keuze maken we dan?
Voor mij verrassend zijn dan die twee stukken die daarna komen over die toren en dat leger. De schrijver vertelt ons wat Jezus zegt is: weet goed waar je aan begint, want als je een toren gaat bouwen moet je wel zeker weten dat je genoeg centen hebt om dat af te maken, en als je ten strijde trekt moet je wel zeker weten dat je de sterkste bent om die strijd te winnen. Stuur een verspieder, een verkenner vooruit en zorg ervoor dat je zeker weet dat jij de sterkste bent. En indien niet, maakt dan een goed voorstel waar de ander mee kan instemmen. Jezus is een calculerend mens, hij zou misschien in onze tijd een smartphone gehad hebben om daarmee te rekenen.
En dan dat zout: hij zegt daarmee dat, als je eraan begint, als je gerekend hebt, als je tot de conclusie gekomen bent dat dit jouw weg is, dat je deze prioriteiten kunt stellen: behoudt dan je kracht en je inspiratie. Anders worden wij, jij, ik, als gemeenschap nutteloos, niets meer waard. Blijven luisteren naar hem.
Onze inspiratie is dat wij leven vanuit hem, vanuit de bijbel. Luister naar jezelf! Om erbij te blijven, en blijf luisteren naar elkaar, om de eigen gedachten en woorden tot wasdom te laten komen. Mij lukt het niet om ergens in een hoekje te gaan zitten en mijn gedachten te laten rijpen. En waarom leef ik dan in deze gemeenschap? Misschien is wel het belangrijkste dat ik word weerhouden om nu/meteen/alles! te ondernemen. Ik denk dat dat voor mezelf en voor heel veel mensen goed is, en ik zie ook dat dat luisteren gedaan wordt. Dat is iets wat je met elkaar ontwikkelt.
En luisteren is ook iets heel kwetsbaars want je moet je uitspreken en in interactie met elkaar komen. Dan kan er een stukje verloren gaan van wat jij, wat voor jou zo belangrijk was? Maar je krijgt er iets nieuws voor terug. Dat is iets wat ik ook een paar dagen geleden weer heb mogen meemaken in een bespreking waarin iemand iets naar voren bracht dat hij ontzettend belangrijk vond dat dat gehonoreerd werd. En dat ene werd door de anderen die erbij waren opgenomen en samen tot iets nieuws gebracht, tot iets beters tot iets wat nog meer de kern raakte van wat die persoon zo belangrijk vond.
Je verliest jezelf een stukje, maar ik krijg ook heel veel voor terug, maar dat weet je niet zeker. ‘Wie naar mij toekomt moet zijn eigen leven verfoeien’. Samen kiezen we in alle kwetsbaarheid voor dit verliezen, omdat we telkens weer ervaren dat wij en onze wereld er beter door worden.