Mar. 1, 14 – 20
- Lezing
- Jona 3,1 - 10
Keer je om en geloof in het evangelie
Wat we zojuist hoorden, was het begin van het evangelie volgens Marcus. Dat evangelie zal ons de komende zondagen verder bezighouden. Evangelie, zo noemt Marcus zijn geschrift, en hier in dit stukje komt het woord twee keer terug. Wat hij te vertellen heeft, is een blijde boodschap, een boodschap van bevrijding over Jezus. En het eerste woord dat Jezus tot ons zegt, is heel markant: Keer je om en geloof in het evangelie. Twee aspecten: omkeren en je toevertrouwen aan het evangelie!
Eerst de weg van de omkeer. Daarvoor richt ik me op de profeet Jona. Dat is een merkwaardige man, want als hij voor de eerste keer het woord van de Heer hoort, slaat hij op de vlucht. In plaats van naar het Oosten naar Nineve te gaan, reist hij in tegenovergestelde richting naar het Westen, naar Tarsis. Hij vlucht voor zijn roeping. Waarom doet hij dat? Denkt hij: het wordt toch niks met die grootstad, zoals bijvoorbeeld Amsterdam of Londen; daar gebeurt allerlei kwaad dat niet uitgeroeid kan worden? Of vindt hij het als jood te min om naar die heidense stad te gaan, zo van: die mensen horen niet bij ons? Of vindt hij het zinloos, want God zal toch wel weer over zijn hart strijken en barmhartig zijn? Hoe dan ook, hij gaat naar de kust, stapt in een boot en wil weg van de Heer.
Maar - en jullie kennen dat verhaal waarschijnlijk wel, maar ik wil het hier toch oproepen - onderweg komt er een geweldige storm op. De zeelieden raken de koers kwijt en werpen ten slotte het lot om te achterhalen door wie deze ramp wordt veroorzaakt, en het lot valt op Jona. Hij is de schuldige! Ze vragen hem: Waar kom je vandaag? Tot welk volk behoor je? Hij antwoordt dan: Ik ben een Hebreeër en ik vrees de Heer. Dat brengt hem tot zichzelf en tot zijn opdracht, en hij zegt: werp mij maar in zee. De zeelieden ‘jonassen’ hem dan en gooien hem in zee. Maar Jona wordt opgevangen door een vis, en in de buik van de vis begint hij te bidden en te roepen om redding. Uiteindelijk spuwt de vis hem op het droge. Pas dan, als hij door dit hele proces is heengegaan, als hij zelf is omgekeerd en opnieuw het woord van de Heer hoort, ja, dan neemt hij zijn taak als profeet op zich. Hij roept de mensen van Nineve op tot omkeer, maar wat hij zegt, heeft een dubbele bodem: Veertig dagen nog en de stad zal worden omgekeerd, staat er in het Hebreeuws. Jona denkt: de stad zal worden verwoest; dat zegt hij ook. Maar de mensen in Nineve roepen een vasten uit, en onder leiding van de koning komen zij tot omkeer. Wonderlijk is het wat een woord van God mensen in beweging kan brengen! En als God dat ziet, krijgt Hij spijt en komt Hij a.h.w. tot omkeer: Hij laat niet zijn rechtvaardigheid gelden, maar zijn barmhartigheid. En dat was precies, waarom Hij Jona eropuit gestuurd had.
Terug naar het evangelie met het woord van Jezus: Keer je om en geloof in de blijde boodschap. Nu het tweede aspect: je toevertrouwen aan het evangelie. Nu weet ik niet of
de eerste leerlingen die oproep van Jezus gehoord hebben. Maar het is wel opvallend, hoe zijn woord deze leerlingen enthousiast maakt en in beweging brengt. Want als Jezus Simon en Andreas aanspreekt: Kom achter mij aan, dan laten zij onmiddellijk hun netten achter en volgen hem. Zo ook met Jakobus en Johannes: er zit a.h.w. niets tussen. Geen vraag, geen twijfel. Geen tijd om te overdenken. Nee, Jezus roept en meteen gaan ze achter hem aan. Dat is heel anders dan de profeet Jona. Natuurlijk hebben ze de keuze om ja te zeggen of niet. Maar eenmaal ja gezegd, begint het avontuur met Jezus en ze nemen de consequentie van die roeping op zich. Ze laten alles achter en gaan mee in het perspectief dat Jezus hen biedt: het evangelie, de boodschap van bevrijding. Alles achter laten of loslaten; dat wordt a.h.w. van hen en ook van ons steeds weer gevraagd. Meegaan met Jezus betekent bijvoorbeeld in onze dagen meegaan in de beweging van oecumene en niet blijven vasthouden aan het vertrouwde waar we vandaan komen, maar openstaan om de weg met Jezus verder te gaan, als een weg van bevrijding.
Uit de twee verhalen blijkt hoezeer het woord van God mensen in beweging zet. Die oproep wordt ook vandaag tot ons gericht: keer je om en geloof in het evangelie. Laat het woord je in beweging brengen: horen en doen.