Luc. 2, 1 – 20
- Lezing
- Johannes 1, 1 - 14
‘Zwanger en op de vlucht’
Zwanger en op de vlucht: dat is de realiteit van Meenara, Sajeda en Salima, drie jonge Rohingya vrouwen. Zij vertellen in Trouw dat zij blij zijn als hun baby veilig geboren kan worden. Hun foto staat symbool voor de vele vluchtelingen in deze stad en onze wereld – die velen die ergens nieuw leven baren. Is dat onverwachte leven welkom?
Maria en Jozef, zij waren niet welkom in de herberg. Ze waren blij dat ze een stal vonden met een voederbak, waar zij en hun baby veilig waren. Het romantische stalletje onder onze kerstboom was in werkelijkheid waarschijnlijk een tochtige, koude schuur. Maar de naam van het kind is Jezus en dit betekent: God redt. Een naam die tot op vandaag velen tot troost en bemoediging is.
‘Zwanger en op de vlucht.’ Zo is het met Gods woord, tot op vandaag, want God wil in iedere tijd geboren worden in mensen van goede wil. In Maria, die ‘ja’ zei op wat zij niet begreep. Zij volgde haar hart en maakte ruimte voor die bijzondere geboorte van Gods kwetsbaar woord van liefde en gerechtigheid, vrede en verdraagzaamheid.
‘Zwanger en op de vlucht.’ Laten we niet te gemakkelijk denken dat wij als joden, christenen en moslims, de ruimte creëren waarin God geboren kan worden. Want het is allang niet meer vanzelfsprekend en misschien is het dat nooit geweest, dat God in onze tempels, kerken en moskeeën woont. We weten het van koning David, die een tempel wilde bouwen voor de Enige: de profeet moest hem vertellen hier vanaf te zien. Doe het maar niet, was de boodschap van boven. En we weten het van onszelf: zoveel van wat wij doen en laten is uit menselijke overwegingen. We willen onze eigen rituelen, onze eigen zekerheden zo graag behouden. En dat leidt meestal niet tot verdraagzaamheid en vrede. Maar als wij onze ramen en deuren openzetten en zo onze harten openen voor elkaar, dán kan er iets nieuws gebeuren, dan kan vrede geboren worden en leren wij verdraagzamer zijn.
Juist dat vieren we in deze stille, heilige nacht en daarom is deze avond zo bijzonder. Vanavond openen wij onze harten voor elkaar: als een kwetsbaar teken van hoop in deze stad en in deze wereldtijd. Zo wordt zichtbaar in en met en door ons, dat God gebeurt waar mensen elkaar aankijken, elkaars taal willen horen – ook als we die niet verstaan. Als wij over de muren van de eigen Godshuizen heenkijken en elkaar de hand reiken, wordt God geboren tussen ons in. Een klein en kwetsbaar teken, net als dat kind in de voerbak een kwetsbaar teken was. Dus wat dat betreft zit het wel goed met ons: we
hoeven niet sterk en machtig te zijn om een spoor van licht te worden. We mogen beseffen hoe weerloos en kwetsbaar wij zijn met deze blijde boodschap.
Aan wie wordt dit goede nieuws verteld? Niet aan de koning, de minister-president of de premier op de eerste plaats. Nee, aan de herders op het veld. Zij waken in de nacht, zij zorgen voor de kwetsbaren en zij staan open voor het licht en het engelengezang. Dus wil je het goede nieuws horen in onze tijd? Kijk dan naar wie er waken in de wereldnacht, kijk naar wie zorg draagt voor kwetsbare mensen. Daar gebeurt het dat God redt, dat God er is, zijn Naam gebeurt.
Er groeit groot licht in deze nacht, in heel onze wereld en dat verwijst naar het licht uit den hoge. Het is een nacht om te overwegen: welke droom draag ik met mij mee? Waar zie ik Gods mensenliefde gebeuren? Welk woord wil in mij geboren worden?
Het is een stille, heilige nacht, een nacht vol stille aandacht, maar ons hart mag jubelen zoals de engelenkoren. Zalig Kerstfeest in deze heilige nacht!