Luc. 2,16 – 21

Berti Parqui
Lezing
Numeri 6, 22-27

Jezus is de vleesgeworden zegen van God

Nieuwjaarsdag is bij uitstek de dag om elkaar het goede toe te wensen. Het lijkt dan ook heel passend dat we op deze nieuwjaarsdag uit het boek Numeri die zegen horen. Maar een zegen is geen wens. Een zegen is anders dan het gewone, heilig is daar een het woord voor. Daar zijn we ons niet altijd van bewust. Iemand die bij de voorbereiding van deze viering was zei dat bij ons die zegen zo vaak klinkt dat je hem vaak niet meer echt hoort. Jammer, maar misschien helpt het als we wat langer stilstaan bij de drie zinnen van de zegen uit Numeri. De eerste zin is: De Heer zegene en behoede u. Ons bestaan begint met zegen: Het eerste wat God doet als hij de mens geschapen heeft is hem zegenen. Ons bestaan hier op aarde heeft Gods instemming, goedkeuring. Hij wil dat wij zijn zoals wij zijn en hij behoedt ons u. Behoeden, bewaren. Bewaren is ook koesteren Er zorgvuldig mee omgaan. Maria bewaarde die woorden in haar hart, hoorden we in de evangelielezing. God gaat zorgvuldig om met ons.

De tweede regel van de zegen zegt “de Heer doet zijn aangezicht over u lichten” en zij u genadig. Dat wil zeggen dat Gods gezicht oplicht, dat hij met liefde en genegenheid naar ons kijkt, zoals een ouder kijkt naar zijn eigen kind dat fijn aan het spelen is. Dat is wel bijzonder, want deze tekst is geschreven in een tijd dat wij ook wel heel iets anders horen over het aangezicht van God. Namelijk dat God zijn aangezicht verbergt. Dat klinkt alsof God het is die zich afwendt, en zo staat het ook wel verwoord in de Bijbel, maar intussen weten we allemaal hoe jij jezelf met boosheid kan isoleren. Wij zijn het die ons afwenden. Maar God kijkt met mildheid. Hij is genadig, staat er. Hij pint ons niet vast op onze zonden. Hij kent onze tekorten kent en vangt ze met ze met liefde op. Een rabbi vertelt het zo. Als je zoon gestolen heeft kan je hem daarmee confronteren en zeggen je bent een dief en een bedrieger, maar je kunt hem ook zeggen: Ik weet dat je geen dief bent en dat je het niet meer wil doen. Zo kijkt God naar ons: met liefde en met verwachting. In de derde zin onderstreept God nog eens dat zijn ogen op ons zijn. Hij kijkt ons in de ogen en zegt: ‘er is vrede voor u.’ Sjaloom.

En er zijn nog een paar dingen die een zegen bijzonder maken: 1 Een wens eenzijdig is, maar bij een zegen is er altijd sprake van een relatie. Zonder wederzijdse betrokkenheid gaat het niet. Zo kan God de mens zegenen, maar de mens kan ook God zegenen. In de joodse cultuur is dat heel gebruikelijk. Baruch Adonai. Gezegend zijt gij God. De zegen bevestigt verhouding van respect en liefde uit. 2. Een wens wil iets voor de toekomst. Maar de werkwoordsvorm waarin deze zegenbede geschreven staat is een typisch Hebreeuwse vorm, waarin een zekere tijdloosheid zit. Een vorm die zowel de verleden, tegenwoordige als toekomstige tijd uit kan drukken.

Denk maar aan de naam van God die zowel met ik was, ik ben als ik zal er zijn vertaald kan worden. Deze zegening zegt iets dus vroeger, nu en straks. 3. Bewust in relatie uitgesproken woorden hebben betekenis. Zegen en vloek: ze hebben hun uitwerking. Want door het uitspreken van de woorden gebeurt er ook iets. In een tv programma zag ik een keer hoe onuitgesproken negatieve gedachten van een groep de proefpersoon in het midden helemaal klein en ellendig maakten. Het tegenovergestelde werkt net zo. 4. In Numeri is het zegenen een priesterlijke taak. Dat wil zeggen dat de zegen uitgesproken wordt door iemand die niet namens zichzelf spreekt, maar namens God. Een zegen wordt doorgegeven door iemand die zelf ook die zegen ontvangt. Een zegening is zo krachtig omdat ze niet uit eigen koker komt, het is een gebeuren dat menselijke maat overstijgt. 5. En tenslotte: Een zegen wordt gegeven, maar nog belangrijker, ontvangen. En daarmee kom ik op de lezing uit het evangelie. En de zin die me daarin het meest bijbleef is : Maria, bewaarde deze woorden in haar hart. De herders vertellen aan Maria wat door de engelen over dit kind gezegd is: dat hij een redder zal zijn. Maria koesterde die woorden. Niet voor niets. Ze had tijd nodig om te beseffen wat dat betekende. Ik denk dat Lucas ons via Maria leert dat geloven een proces is, hoe wij net als Maria langzamerhand gaan in gaan zien dat Jezus werkelijk de Messias is. Dat is een hele weg. Niet iets dat je zomaar even kunt aannemen, of kunt leren op school, je kunt het alleen maar begrijpen met je hart en met de ervaring dat hij zijn naam waar maakt en redder is.

Wat voor redder? Geen groot man die met geweld de vijand te lijf gaat en alle problemen uit de weg ruimt, zoals de meeste mensen uit zijn tijd verwachtten. Maar zo’n Messias wordt het niet. Dat is wel wennen. Lucas neemt ons mee in dit verhaal om die verwachting bij te stellen. Jezus is heel gewoon. Gewoner kan bijna niet. een armoedige geboorte, in een stal, zijn ouders op de vlucht. Nauwelijks een dak boven zijn hoofd. Maar wel helemaal passend in de heilsgeschiedenis van Israël. , waar God zich bekommert om de anowiem, de armen en onaanzienlijken. En daarmee zet Lucas de toon. Jezus is mens, zoals wij. Maar wel zo’n bijzonder solidair mens dat mensen die hem meemaken ervaren in Hem God tegen te komen. Maar, zoals gezegd, dat is een hele weg. Het vraagt een andere ogen. Eenvoudige herders gaan ons daarin voor. Ze hebben geen beelden, maar gaan in op wat hen overkomt aan een boodschap van hoop. En Maria, die zich verwondert, die nadenkt over wat zij meemaakt en ziet gebeuren. Zij bewaart alles in haar hart, totdat zij ziet wie deze jongen is. Hoe Hij in wijsheid groeide en waarachtig mens werd, vrij en verbonden. niet langer van haar, maar een kind, een zoon, een mens beeld van God. Zij leest in alles wat met en in haar en met en in Jezus gebeurt en leert zien dat Hij inderdaad de Heer en Messias is door wie de mensen gered worden. Niet van wereldlijke machthebbers maar van het dodende van de zelfgenoegzaamheid, eigengereidheid en liefdeloze uitzichtloosheid van onszelf.

Waar je eenvoudig wordt, waar je je in je onmacht en kwetsbaarheid gekend weet, daar kan je ervaren hoe de weg van liefde alles anders maakt. – Liefde, juist voor het onvolmaakte, kleine en kwetsbare. En Jezus is die weg gegaan. Jezus is de vleesgeworden zegen van God. Een zegen die zegt: ik wil dat jij bent. Ik kijk naar je met liefde, groei in broederschap uit in tot de mooie mens die je in wezen bent. Laten wij elkaar zo zegenen vandaag.