Joh. 4, 5 – 26

Berti Parqui
Lezing
Micha 4 , 1 - 7

Open venster

Vorige week stond Petra hier en die vertelde hoe Johannes in zijn evangelie verschillende vensters opent op Jezus. Door de ontmoeting tussen Nicodemus en Jezus krijgen wij bv. een inkijk in Jezus intieme relatie met zijn vader. Menselijke denkwerk belemmert dat contact. Door zich toe te vertrouwen aan God, kan een mens opnieuw geboren worden in de geest.

Door de figuur van Johannes de Doper opent zich ook zo’n venster op Jezus. Door hem krijgen wij zicht op grootheid van Jezus. Johannes is alleen maar de begeleider, de vriend van de langverwachte bruidegom. Johannes getuigt van de unieke plaats die Jezus, die hij van v God zelf gekregen heeft.

Vandaag horen we het verhaal van Jezus en de Samaritaanse vrouw. Ook door haar heen geeft de evangelist ons een venster op Jezus.

Het verhaal van vandaag is een heel lang verhaal en er zitten heel veel kanten aan.

Vorige keer dat ik erover preekte was ik het meest geboeid door het proces in Jezus die door de ontmoeting met deze vrouw verder op het spoor komt van zijn eigen roeping.

Maar- en zo gaat dat met de bijbel – je leest het telkens ook weer anders. Misschien is dat wel de eeuwigheidswaarde van dat heilige boek.

Deze ontmoeting vindt plaats op het heetst van de dag bij een put, die bekend stond als de bron van voorvader Jacob. De waterput uit andere Bijbelverhalen is bekend als ontmoetingsplek voor mensen die elkaar niet kennen, maar later elkaars partner worden: Isaak en Rebekka, Mozes en Sippora.

Geef mij wat te drinken is de openingszin van Abrahams knecht aan Rebecca. Ook hier klinkt het: Geef mij wat te drinken.

Het is een ongebruikelijke situatie, Jezus trekt door het gebied van de Samaritanen, mensen op wie de joden in onmin leefden. Ze keken op hen neer en de vrouw is dan ook argwanend. Er is een langlopend conflict tussen Samaritanen en Joden, een spanning die je zou kunnen vergelijken met die tussen Joden en Palestijnen nu. Beide partijen claimen de oudste rechten op het land, en op de authenticiteit van hun geloof en zijn daar niet vanaf te brengen. Ze hebben allebei hun verhaal en hun heilige tempels. En eigen gelijk. Zo was het en zo is het. Maar daarmee zitten ze op een dood punt, eigenlijk net zo

dood als het water in de put. Die put heet dan wel de Jacobsbron, maar het water dat erin zit staat stil.

En dan heeft Jezus het over levend water, stromend water, waar zij haar dorst voorgoed mee kan lessen.

Zij verstaat hem letterlijk en vraagt hem ironisch hoe hij in zo’n diepe put aan stromend water wil komen.

Maar hij spreekt een andere taal, Hij spreekt over het water van de Thora, de wet van de Gods liefde, water zoals beschreven in Psalm 1. Wie daarmee zijn wortels kan voeden verdort niet, maar draagt vrucht.

Ze begrijpt het nog niet, maar zij blijven in gesprek.

Dan vraagt Jezus naar haarzelf, naar haar ziel, en naar haar verbondenheid in het leven. Ze is alleen, zonder de andere vrouwen, op een ongebruikelijk tijdstip, heeft partners gehad, maar is alleen. Dat ziet Jezus. Ze is niet verbonden, ze is eenzaam. En in die verlatenheid wordt zij gezien door Jezus met ogen van liefde, die haar hoop op toekomst geven. En het gaat stromen in haar. Ze laat beetje bij beetje haar angst, vijandigheid en verdediging varen.

Er komt een tijd, zegt Jezus tegen haar, nee, dat is er al, nu hier, dat de ware aanbidders God zullen aanbidden in Geest en waarheid. Niet de plek, niet de heiligheid of schoonheid van de tempel, maar de waarachtige relatie met God doet ertoe.

Ze voelt zich wezenlijk gezien en zij ervaart zijn authenticiteit; hij is een man Gods. De ware profeet. Hij zoekt niet zichzelf. Hij spreekt namens God. Hij is een gezondene (ontvanger en doorgever) van de ene ware God, die zij ergens diep in zichzelf ook kent. Er is wederzijds erkenning en herkenning.

Door hun ontmoeting wordt dat wat was dichtgemetseld door vooroordelen en dat wat was opgesloten in heilige huisjes opengebroken. De Samaritaanse die nooit anders geleerd heeft dan dat hun tempel op de Gerizim de enig juiste plek was om God te aanbidden, wordt ontvankelijk door dat echte contact. Ze wordt aangeraakt door de geest van God zelf die bevrijdt, losmaakt, vleugels geeft. Zij vliegt dan ook naar huis om het door te vertellen aan haar dorpsgenoten.

Het venster dat we op Jezus krijgen door deze Samaritaanse vrouw krijgen is dat van zijn openheid. Je zou kunnen zeggen van zijn grenzeloosheid. Hij laat zich niet weerhouden door haar vijandigheid. Hij geeft zich helemaal in zijn bewogenheid en maakt zich aan deze vreemde vrouw zelfs bekend als de Messias. Dat ben ik, degene die met u spreekt.

Het mooie van dit verhaal van vandaag vind ik is dat we door dit evangelie niet alleen een venster op Jezus, krijgen, maar door hem heen ook een ook een venster op God. Wie mij ziet, ziet de vader, zal Jezus later zeggen. De vader en ik zijn een.

Jezus was een mens, en natuurlijk is God onuitsprekelijk anders en veel meer dan een mens. We hebben niet voor niets de heilige Geest ontvangen als helper en bemiddelaar tussen God en mens. Maar denk ik zeker dat we door dit evangelie heen mogen horen hoe God niet gebonden is aan door mensen bepaalde heilige plaatsen, kerken, tempels of moskeeën, niet aan voorschriften, theologische kaders, of door mensen bedachte rituelen of liturgieën. Gods liefde beperkt zich niet tot een historisch gegroeide godsdiensten of bepaalde groep.

Deze week stond er een artikel in Trouw. Op een plek in Berlijn waar een tijdens de oorlog een zwaar beschadigde en afgebroken kerk stond wordt mu een interreligieus gebedshuis gebouwd waar een synagoge, een moskee en ene kerk onder een dag zullen komen, met een open ruimte in het midden waar men elkaar tegenkomt en kan ontmoeten. House of One gaat het heten, waar men de Ene God ieder op eigen wijze kan aanbidden in geest waarheid.

Ik maakte deze maand ook een afscheidsviering mee met een universeel sjamanistisch ritueel dat zo waarachtig, liefdevol en eerbiedig gedaan werd dat ik er diep van onder de indruk was. Ik dacht alleen maar: hier is de heilige Geest van die ene God werkzaam. God is zoveel groter dan ons hart en er zijn zoveel manieren en vormen en verschillende vensters die ons dichter bij hem brengen. Maar waar het om gaat is: dat wij ons niet laten afleiden of laten bepalen door de vormen, maar aanbidden in geest en waarheid, naar het voorbeeld van Jezus, in alles wat wij denken, doen, laten, zeggen en kiezen.

Ik moest ook denken aan de keuzes die wij als gemeenschap moeten maken. Niet alles kan meer. We moeten op alle terreinen vereenvoudigen. We hebben het over prioriteiten. Dit evangelie vertelt mij vandaag dat we voor alles moeten kiezen voor dat levende water dat Jezus ons wil geven.