Mc. 13, 24 – 32
Evangelie Marcus 13 : 24-32
17 november 2024 Overweging door Tineke C.M.Renkema-Boersma
DE HOOP LEVEND HOUDEN!
Het einde van het kerkelijk jaar
De bijbel : Een verhaal niet alleen over oorsprong en begin
maar ook over het einde.
Hoe leven wij met het einde, hoe ons hiertoe verhouden?
Jezus bevindt zich in Jeruzalem. Er was in de lezingen van de afgelopen tijd sprake van uiterst confronterende gesprekken met Schriftgeleerden en Farizeeën. Zij kunnen zijn woorden niet verdragen. Aan het begin van dit hoofdstuk, met het zicht op de tempel, zei hij tegen zijn leerlingen, dat geen steen op de andere zou blijven staan. Alleen al je dat indenken: Zou dat niet het einde zijn?
Die gedachten zijn ons niet vreemd: Steeds meer kerken die worden afgebroken. met al hun pracht en praal, met heel hun kostbare geschiedenis waar zoveel gebeden en gezongen is en woorden over God gesproken.
Is het dan zo, dat er soms moet worden afgebroken om ruimte te maken?, Ruimte voor nieuw bezield leven? Nieuw bezield leven in ons, in onze gemeenschap, in de kerk, in het land, in de wereld. Ja, soms moet er veel worden afgebroken met het oog op wat er echt toe doet. Maar het doet wel pijn! En we zijn ook bang. Bang dat er wellicht iets kostbaars verloren gaat. Wees niet bang, zegt Hij.
Eindtijd Tijd van verschrikkingen, natuurrampen, oorlogen, tijd van lijden De wereld heeft er weet van. Weet van donker en nacht Vaak ver weg, soms ook dichtbij. Soms stort voor een mens, voor een heel volk, de hele wereld in. Nacht!
Wie kent niet de gedachte:
Kan het wel dat wij mensen naast en met elkaar bestaan,.
een bewoonbare wereld?
Kan dat wel dat koninkrijk van Gods menslievendheid,
leven met eeuwigheidswaarde?
Kan dat wel?
We kunnen onze ogen sluiten, maar wat dan, wat als de nacht onontkoombaar valt? Zie de beelden die wij dagelijks zien van Gaza, Libanon, natuurrampen: Plaatsen waar geen steen op de andere blijft. Plaatsen van de grote verschrikkingen.
En we bidden: Verhaast de dag van uw gerechtigheid,
zie het niet langer aan God, dat her en der in deze wereld
Joden, christenen en moslims elkaar het licht ontroven.
Jezus kijkt met open ogen naar deze pijnlijke realiteit
maar niet zonder hoop, niet zonder uitzicht,
In Hem is er geen definitieve verlorenheid.
Er is dat ‘En toch, ondanks alles’!
Wat is dat om oog in oog staan met de realiteit zonder in doemdenken te vervallen, zonder angst die totaal verlamt, maar ons aanzet om, waar het in ons vermogen ligt, reddend te handelen. En toch, ondanks alles!
We horen Jezus zeggen:
In de dagen van de grote verschrikkingen
zullen we de Mensenzoon zien komen.
Wat dat betekent?
Is dat niet, dat blijven vermoeden en geloven
in dat ‘en toch, ondanks alles’.
Een ‘vermoeden en geloven’ dat geen illusie is,
vanwege de mens die leefde naar Gods beeld en gelijkenis,
vanwege mensen die door de eeuwen heen vredestichters zijn.
De morgen komt, zegt de wachter!
Die morgen waar mensen leven naar Zijn beeld en gelijkenis.
Het einde is het einde niet.
Het gaat erom daar we ons steeds gereed houden
voor dat nieuw beginnen.
Jezus gebruikt het beeld van de vijgenboom
waarvan de takken steeds opnieuw en opnieuw uitlopen
en de bladeren zich steeds opnieuw weer openvouwen.
Het zijn beelden en woorden die de hoop levend houden. Uitzien naar de komst van de Mensenzoon
Uitzien naar plaatsen waar mensen met en naast elkaar bestaan Uitzien naar bezield leven
De hoop levend houden vraagt om sporen in de werkelijkheid. Waar die sporen er niet zouden zijn, is er sprake van een illusie. Hier en daar zijn mensen! Wie of wat houdt de hoop in mij gaande? In mij leven de kleine zusters van Nazareth die met een hele kleine groep zusters besloten in Libanon te blijven. Te blijven daar waar het nacht is. Zij en vele anderen die laten zien dat de hoop op een nieuw begin geen valse hoop is.
Ook wij hier op deze zo kleine plaats hebben de roeping om de hoop levend te houden. Ja, geroepen zijn we om af te breken! Om te durven afbreken wat geen leven meer geeft! Om al zoekend en onderscheidend keuzes te maken, waardoor we kunnen blijven vermoeden en geloven in dat koninkrijk van Gods menslievendheid.