Lc. 13 : 22 – 30

Els Vis

Door de smalle deur gaan

In aanloop naar deze viering gaf Ton aan de goede boodschap maar moeilijk te kunnen ontdekken in deze pittige lezing. Het is blijkbaar weinig mensen gegeven het koninkrijk van God binnen te gaan. Op het eerste gezicht is het inderdaad een teleurstellende boodschap: velen – dus ook velen van ons – zullen proberen binnen te komen, maar het gaat ze niet lukken. De mens die Jezus aanspreekt, lijkt dit bange vermoeden ook al te hebben, want hij vraagt: “Zijn er maar weinigen die worden gered?”

Op deze bange vraag hopen we een bemoedigend of geruststellend antwoord te horen. God is immers liefde. God sluit niemand buiten, laat niemand verloren gaan. Jezus ontkent dit niet, maar bevestigt het ook niet. Hij zegt niet: “Joh, maak je niet ongerust. God houdt van alle mensen. Heus, iedereen wordt gered.” Nee, zijn antwoord is een praktische aansporing: “Doe alle moeite om door de smalle deur naar binnen te gaan.”

Het verhaal lijkt op een passage uit de Bergrede van Matteüs. daarin worden de wijde poort met de brede weg en de smalle poort met de nauwe weg genoemd. De brede weg is de weg die iedereen neemt. Het is de snelste weg naar het centrum van de stad met aan het begin een brede poort. De weg wijst zich vanzelf, want het is er druk en we lopen allemaal dezelfde kant op. Mooi, we gaan goed!

Naar die smalle poort moet je zoeken, want je ziet hem bijna niet. Met alles wat ons opblaast passen we er ook niet doorheen. We zullen moeten loslaten wat niet meer bij ons past. Wat we met ons meesjouwen, maar ons niet verder brengt. Wat we soms met veel moeite vol willen houden, maar ons ongelukkig maakt. Om over die smalle weg te gaan, moeten we selectief zijn in wat we mee kunnen nemen. We moeten keuzes maken. Soms pijnlijke keuzes.

Leven is kiezen. Goed kijken waar je weg gaat. De smalle weg gaan is een blijvende zoektocht naar wat goed is, wat waar is, wat vrede geeft. Het is een weg die alleen jij kunt gaan, die je alleen móet gaan, een weg die leidt naar je persoonlijke bestemming. Dag Hammarskjøld schrijft erover: ‘De langste reis is de reis naar binnen. Wie zijn lot gekozen heeft, de tocht begonnen is naar zijn eigen bodem, nog midden onder u, staat hij al buiten het leven’. Hammarskjøld benoemt het geïsoleerd zijn, de uiteindelijke eenzaamheid van ieder mens op de smalle weg. Het is duidelijk dat hij die weg kent.

Die weg begint met een oproep. Ik denk dat wij het allemaal wel kennen uit ons eigen leven, dat we werden geroepen, wakker geschud, omver geworpen. Soms lukt het ook nog wel om het een tijdje te negeren, onze oren dicht te stoppen voor die stem in onze diepte. Want het kan angstig zijn om uit onze veilige vertrouwde wereld te stappen en een ingrijpende keuze te maken. Als we eenmaal durven, door die smalle deur op weg gaan, worden we beproefd en uitgedaagd, moeten we hindernissen in onszelf en daarbuiten overwinnen.

Het is als een innerlijke pelgrimsreis, stap voor stap, op weg zijn naar nieuwe drijfveren in jezelf, naar groei, naar vervuld leven. Een reis die altijd weer eindigt met de terugkeer naar de wereld waarin je leeft. Want daar is het uiteindelijk te doen. Zoals Martin Buber schrijft: “Daar waar je staat, waar je je ware leven leeft.” Daar moet de pelgrim zijn verworven inzicht, zijn kennis, zijn kracht, zijn liefde, delen en overbrengen. Het is een levenslange reis. Telkens weer kun je geroepen worden tot het nemen van je verantwoordelijkheid, tot het maken van een keuze. Geroepen worden om door de smalle deur te gaan.

Ik was deze week op Utrecht Centraal. Het was er heel erg druk, mensen krioelden door elkaar heen. En middenin die drukte stond een man. Eind veertig, begin vijftig. Stokstijf stil. Hij hield met één arm een stuk karton omhoog waarop stond: ‘Nederland stop wapens aan Israël. Stop de genocide in Gaza’. Ik vond het eigenlijk een onzinnige actie. Sta je daar met een stuk karton. Iedereen snelt je voorbij of kijkt je wat meewarig aan. Maar nu denk ik: deze man wil niet door de brede poort. Hij kiest de smalle weg.

Want hoe zit het eigenlijk met al die mensen die voor een gesloten deur komen te staan? Hebben ze wel moeite gedaan om überhaupt binnen te komen? “Weet u nog wel, we hebben met elkaar gegeten en u heeft ons allerlei wijze lessen gegeven.” Ja, dat zal best, maar ze zijn niet opgestaan, ze zijn toeschouwers gebleven. Ze zaten erbij en keken ernaar. Deze man op Utrecht Centraal voelde zich geroepen en stelde een daad. Dat is cruciaal! Het woord moet niet alleen worden gehoord, maar vooral worden gedaan.

Vandaag roept Jezus ons op om te doen wat gedaan moet worden in naam van God, in naam van wat goed en waar en rechtvaardig is. Iedereen, van noord tot zuid, van oost tot west, wordt uitgenodigd om mee te doen. Ongeacht wat of wie je bent. Want iedereen brengt het gewicht van zijn of haar eigen levenskeuzes in om dat koninkrijk van God waar te maken. Of die keuzes nou drastisch of gematigd zijn, spectaculair of alledaags, opzienbarend of onopvallend. Het gaat om de intentie van onze keuzes. Om ons steeds weer te ontdoen van alle ballast die ons weghoudt van onze bestemming, zodat we door die smalle deur kunnen om op zoek te gaan naar wat zin en betekenis geeft.

Laat ons geen toeschouwers zijn van wat er allemaal met ons en om ons heen gebeurt, maar laten we mensen zijn van de smalle weg die gehoor geven aan de oproep om Gods woord te doen. Dat het zo moge zijn.