Joh. 2, 1 – 11
‘The proof of the pudding is in the eating.’
Na de doopervaring van vorige week, het ondergedompeld worden in het geliefd zijn, vandaag opnieuw een Blijde Boodschap waarin water een belangrijke rol speelt. Ditmaal niet door er helemaal door omgeven te worden, maar om ervan te proeven. Dat proeven riep bij mij de smaak van God op, waar Thomas van Kempen het in de ‘De navolging van Christus’ vaak over heeft. Eén van de hoofdstukken begint b.v. met ‘Dat de minnaar in God smaak heeft in alles boven alles. En ín dat hoofdstuk ‘Niets kan zonder Jou lang bevallen. Wil het bekoorlijk zijn en goed smaken, dan hoort jouw genade erbij en moet het met de specerij van Jouw wijsheid gekruid worden.’ In de Middeleeuwen, toen dit boek geschreven werd, deden de zintuigen nog helemaal mee als het over God zoeken en navolgen ging.
Wij kennen het proeven ook heel goed. Bij het koken is het van belang. Als je je best hebt gedaan op de maaltijd en het gerecht nadert zijn voltooiing, dan moet er geproefd worden. Dat gebeurt met aandacht, het is een moment van onderscheiding: is het goed? Zo niet, wat ontbreekt eraan? Hoe kan het verbeterd worden? Proeven is ervaren, het komt van het Latijnse Sapientia. Dat wordt doorgaans vertaald met wijsheid. Maar het betekent ook gezond verstand en ‘goede smaak.’ Je kunt bij koken niet alleen het recept volgen en dan denken dat het lekker zal zijn. Je moet het ook zélf proeven en beoordelen. ‘The proof of the pudding is in the eating.’ Zintuigen gebruiken én je gezond verstand én wijsheid. De ceremoniemeester gebruikte zijn zintuigen en ontdekte hierdoor dat wat hij proefde beter was dan de wijn die tot dan toe geschonken was. En zijn gezonde verstand deed hem de vraag stellen: ‘waarom wordt die nu pas geschonken?’ De wijsheid wordt hier door Maria vertegenwoordigd. Je kunt haar hier zien als een soort vroedvrouw die meehelpt om Jezus’ bestemming geboren te laten worden. Het is zijn eerste optreden. Het ging niet helemaal vanzelf; hij had een zetje nodig. Je zou kunnen zeggen: Maria geloofde zó in Hem, dat ze Hem aanzette tot dit eerste teken. Zij wordt vanwege dit verhaal ook wel ‘de eerste leerling van Jezus’ genoemd. Zij gelooft in Hem én getuigt over Hem naar de dienaren toe: doe wat Hij jullie zegt, wát het ook is!’ Dat gaat ver!
Maar dat was ook nodig, het was hoog tijd: de wijn was op! De Romeinse overheersing duurde al decennia; het Oude Verbond was op sterven na dood. En dan is er een bruiloft. Bruiloft, het beeld van Gods Verbond met mensen. In Kana, een heidens gebied. Jezus’ boodschap beperkt zich niet tot het Joodse volk, maar is bestemd voor de hele wereld. Jezus verschijnt er op de 3e dag; de dag van de opstanding uit de dood. Zijn moeder is er al. Drie keer wordt door het woord ‘moeder’ in dit stukje, het zoonschap van Jezus benadrukt. Maar dan, als Maria hem zegt: ‘Ze hebben geen wijn meer’ opeens dat
afstandelijke ‘vrouw, wat wilt u van me?’ Het spreekt van een losmaking uit zijn moederkind verhouding. Hij wordt zelfstandig en daarmee verantwoordelijk. Hij neemt zijn bestemming op zich.
En die bestemming is: water in wijn veranderen. Het reinigingswater dat volgens de Joodse wet aanwezig is: Jezus maakt er méér van dan de wet. Hij is niet gekomen om de wet af te schaffen, maar om die te vervullen. Hij maakt het leven vreugdevol! Hij maakt het tot een bruiloft, tot een feest van liefde! Hij doet dat met die zes vaten; één staat voor 1 dag van de week. Hij is de 7e dag, de dag van het vólmaken van het leven, van het leven volmaakt maken. ‘Mijn uur is nog niet gekomen’ zegt hij aanvankelijk. Een uitdrukking die associaties oproept met het einde van Jezus’ leven, wanneer hij tegen zijn leerlingen zegt: ‘mijn uur is gekomen om de grootheid van de Vader te tonen.’ Dit eerste teken is het begin van zijn roeping.
Wie kent het niet, een feest dat wat inzakt. Een verjaardag waar het gesprek wat stokt. En hoe dan door iets of iemand, het feest plotseling weer op gang komt. Het is een geheim, hoe dat gaat. Het geheim van de liefde. ‘De liefde geeft de goede wijsheid’ zegt Thomas van Kempen. De minnaar van God weet de smaak van de Liefde in alles en boven alles te waarderen. De minnaar van God, die van God houdt; die onderdompeling in Gods liefde heeft ondergaan.
Dat zou de boodschap van vandaag kunnen zijn: vanuit het geliefd zijn onze verantwoordelijkheid op ons nemen om mee te werken aan Gods Rijk. Of je nu degene bent die water in wijn verandert, of je bent degene die een ander daartoe kan brengen door groot geloof. Of je bent degene die luistert en meewerkt, zoals de dienaren, of je proeft het verschil tussen wet en leven en stelt daar vragen over…. Iedereen heeft een eigen bestemming om bij te dragen aan het feest, dat het leven zomaar kan worden als we onze goede ingrediënten ervoor inzetten. Daarom: laten we aandachtig zijn in het proeven van het leven zodat we op het spoor blijven van het feest dat onder handbereik is en waarvoor we allemaal uitgenodigd zijn.