Lc. 3, 1 – 6

Annet van Straaten
Lezing
Mal. 3, 1-4

Waar halen mensen de hoop vandaan?

Een stem roept in de woestijn: ‘Maak de weg van de Heer gereed en ál wat leeft zal zien hoe God redding brengt.’

Het boek Maleachi werd geschreven toen Israël nog onder controle van Babylon stond. In het volk zijn geen voorgangers meer, de elite is weggevaagd. Het volk leefde in moeilijke omstandigheden. ‘De weg effenen’ was een oproep om zichzelf weer te verzamelen. Het optreden van Johannes vindt plaats tijdens de Romeinse overheersing over Israël. Het was politiek onrustig en de bezetter was het Joodse volk niet goed gezind. Het waren dus geen voorspoedige, welvarende tijden toen er bodes werden aangekondigd die het tij zouden doen keren. Maar beide schriftteksten roepen op tot een voorbereiding op de betere tijd die zou komen. Het klonk toen. En het is altijd door blijven klinken, tot op vandaag bij ons: Het zál gebeuren dat mensen weer in liefde en voorspoed vredig samenleven! Het wordt ons beloofd, we mogen het verwachten.

Als je iets verwacht, verlicht dat het leven. Je handelen wordt er positief door beïnvloed. Verwachting geeft energie, je kunt opeens dingen die altijd te zwaar leken. Verwachting maakt sterker en houdt negativiteit op afstand. Er is iets bijzonders aan verwachten; als je iets verwacht, dan ís het er ook al een beetje. Als je een kind verwacht, is het er al, terwijl het nog moet komen. En zo is het met alles wat je verwacht. Door vrede te verwachten, haal je vrede dichterbij.

Hoe raak je van vrede in verwachting, in deze tijd waar vrede alleen maar verder weg lijkt te raken? Maleachi zegt: blijf overeind, blijf trouw aan je ervaringen; de geschiedenis heeft geleerd dat het volk daardoor floreerde. Dan zul je de komst van de engel van het verbond weer meemaken. Johannes roept op om je te laten dopen, een symbolische handeling waarmee je markeert een nieuw begin te willen maken. Dichterbij in de tijd is Gandhi, die we vandaag ook mogen bevragen; waar haalde hij zijn vuur vandaan? Hij zei van zichzelf: “Ik ben geen visionair. Ik noem mijzelf een praktisch idealist. Ik vind dat ik niet meer ben dan een middelmatige mens zonder bijzondere capaciteiten. Ik twijfel er niet aan dat elke man en vrouw hetzelfde kan bereiken als ik als hij of zij zich evenveel inspanningen wil getroosten met evenveel hoop en geloof.

Wat bemoedigend dat deze wereldberoemde geweldloze leider in de Indiase onafhankelijkheidsstrijd en nationaal en spiritueel leider van India er niet aan twijfelt dat elke man en vrouw hetzelfde kan bewerkstelligen. Mits er sprake is van evenveel hoop en geloof!

Waar haal je dat dan vandaan, hoop en geloof? Er zijn zoveel gebeurtenissen die juist somber stemmen en de hoop doen verliezen. Verricht inspanningen, zegt Gandhi, als praktische idealist. Welke dan?

Soms ligt een antwoord voor je voeten, zoals nu hier dit labyrint in onze kapel. Als er een weg gebaand en geëffend moet worden, dan is er geen betere route dan die van een labyrint. Want een labyrint is een van de oudste contemplatieve hulpmiddelen die de mensheid kent, en wordt al duizenden jaren gebruikt om de weg te vinden in vragen waar mensen mee worstelen.

In een labyrint loopt de weg naar binnen. Een labyrint is de weg gaan met je vraag; het is de vraag leven, rond en rond en rond, steeds opnieuw, steeds verder de vraag in. Mijn vraag ‘hoe kan hoop bestaan in deze tijd?’ gaat die weg. Tot in het midden, waar geen weg verder meer is. Waar de leegte is, die stilte als antwoord heeft. Ik kreeg de vraag terug als een vraag aan mijzelf: wil ik de hoop laten doorleven? Er is hoop, als ik ‘em draag. De weg vervolgen in een labyrint is: omkeren. De weg vanuit het ontvangen antwoord terug naar buiten toe biedt tijd om te overwegen. Er is geen hoop, zonder mensen die de hoop dragen. Dit hebben profeten, verlichte leiders, heiligen en miljoenen andere mensen door de tijd heen gedaan. Altijd weer opnieuw. In grote en kleine omstandigheden. En steeds ontstond er daardoor hoop, licht, liefde. Het schiep leven. Ik loop dezelfde route terug, maar kom op een ander punt uit. Daar waar de weg verder gaat.

Waar halen mensen de hoop vandaan? Hoe moeten we hoopvol leven in donkere tijden? Grote vragen krijgen nooit een direct antwoord. Daar moet inspanning voor verricht worden. Laten we die vraag ingaan, hem leven. Het antwoord zál groeien, stap voor stap. Het wordt ons beloofd. Laten we die belofte dragen!