Luc. 2, 22 – 40

Leonie van Straaten
Lezing
Maleachi 3, 1 – 4

Zie (Gods) toekomst opengaan – door wie wachten en verwachten!

In moeilijke tijden, in moeilijke levensomstandigheden, in het persoonlijke leven of wereldwijd, zijn er altijd mensen die staande blijven met uitzicht op toekomst. We zijn begaan met elkaar en met het lijden in de wereld. In je eigen tijd is het echter niet zo gemakkelijk om te zien wie er dan staande blijft. Het is echt een oefening om juist dan met open ogen te leven. In onze kring afgelopen week klonk het woord “doortocht”. Een woord wat het oog gericht houd op het beloofde land, het Koninkrijk van God, op een leven van liefde waar recht gedaan wordt en Gods genade geleefd en ervaren wordt. Profeten bieden in alle tijden uitzicht op die komende tijd. Want zij zien en horen wat gezien en gehoord moet worden om dat perspectief open te houden. Het zijn lastige mensen, want ze laten je niet met rust in de pijn of in het lijden van de tijd en van je leven. Ze laten niet toe dat je er in opgaat. Ze doen iets bijzonders, want zij openen je ogen voor dat perspectief van Godswege dat ons een duwtje in de rug geeft om toch door te gaan.

Maleachi was zo’n profeet. Hij hoorde het gezeur van het volk. En hij zag hoe de klad was gekomen in het verbond tussen God en de mensen. Wij die zo vaak het verbond, de belofte van verbond vergeten. Maleachi klaagde dat aan. Hij gaf in die aanklacht uitzicht op herstel van vertrouwen, herstel van verbond. “Zie”, klonk het twee keer: zie, let op! Zo daagt de profeet uit om te zien wat nog niet te zien is. Een engel komt, een bode die zal uitzuiveren, die zal zorgen dat er recht gedaan wordt. En wie zal er dan staande blijven? Wie kan het aan om te blijven zoeken naar perspectief? Want dat vraagt om te onderscheiden waar het op aan komt. En onderscheiden kost je wat. Er staat meer dan jouw en mijn leven, jouw en mijn situatie op het spel. Want dat verbond tussen God en ons moet weer als een huwelijk worden. Dat moet weer gekleurd worden met liefde, met trouw en vertrouwen. Wie mag bestijgen de berg van de Heer? Wie het aandurft om zich uit te laten zuiveren in het eigen leven, in ons gemeenschapsleven, in de wereld, in de kerk. Wie rein is van handen: die zijn vuile handen schoon wast in berouw, in gewetensonderzoek zoals de biecht, dat is wel een heel ouderwets woord, maar wel kostbaar. Dan kun je zoals Maleachi, Simeon en Hannah echt uitzien en verwachten. Die uitzuivering loutert, want je gaat stralen als edelmetaal, goud en zilver. Kostbare mensen worden we dan.

We hebben vandaag ook zo’n prachtig voorbeeld aan Simeon en Hannah. Zij zoeken Gods aanschijn. Zij wachten en verwachten. Twee kwaliteiten die cruciaal zijn, wil er iets van Godswege kunnen openbreken. Simeon is in staat om te zien wat is, wat nodig is. Hij is voorbereid, hij heeft dat gewetensonderzoek vast grondig gedaan. Hij ziet Gods toekomst in zijn armen liggen. Het is een ontroerend beeld, dat volle licht op het nieuwe leven. Wat ziet hij toch? Hij ziet dit kind als een teken. Een teken dat ook aangrijpt, want

Gods toekomst vraagt om onderscheiding. Het zal de gezindheid van velen aan het licht brengen. Zo zal duidelijk worden hoe mensen in het leven staan. Kun je dit licht ten diepste binnenlaten? ‘Ook uw hart zal met een zwaard doorboord worden.’ Dat is geen gemakkelijke boodschap, allerminst voor Maria, de moeder van het kind, maar ook voor de vader en voor allen die Hem volgen – voor ons dus. Want waar licht is en waar het licht valt, daar is ook duisternis. We verlangen naar licht, maar dat vraagt dat we de duisternis in ons zelf en in de wereld aankijken: pas dan kan het uitgezuiverd worden. Zoals Maleachi profeteert: dit kan lang duren en daarom is dat wachten en verwachten zo kostbaar. Het oefenen van wachten en verwachten zien we in Hannah, zij is al vele jaren aanwezig en brengt pas hulde als Simeon zijn geloof in het kind belijdt. Zij is in staat om te herkennen wat door een ander mens wordt opgetild. Herkennen en beamen wat een ander ziet, waar een ander een lichtend spoor opdelft, is ook een heel bijzondere kwaliteit. Zij brengt hulde op grond van wat Simeon doet. Als je dat diep tot me door laat dringen, realiseer ik me dat ik toch het liefste zelf ontdek. En dat het veel lastiger is om mee te gaan in wat een ander ontdekt en daar echt het licht in te zien en dat te volgen. Herkennen en aanvaarden wat een ander optilt, bouwt gemeenschap op. Daar kan toekomst opengaan, daar is gezamenlijk perspectief.

Met Kerstmis vierden we hoe God tussen ons in komt en met ons wil zijn en vandaag is de cirkel van de geboorteverhalen rond. We sluiten het af met dit feest van de opdracht van Jezus in de tempel. De opdracht is een reiniging, een toewijding. In dit oude ritueel wordt in ieder mensenkind het verbond van God met ons, zijn volk, bevestigd. Het is ontroerend als er oude mensen aanwezig zijn en blijven wachten en verwachten. Hoogbejaard staat er vandaag voor 84 jaar: dan zijn we rijk met onze hoogbejaarden, jullie die ook verwijlen in de tempel. Misschien niet dag en nacht op deze plek, maar wel in jullie ziel. Dat jullie er zijn, stemt mij diep dankbaar. En het wekt ook verlangen om samen te oefenen in dat wachten en verwachten, zodat we voorbereid worden om te zien wat komt, al is het maar een klein lichtpuntje. Dat we oefenen in het herkennen van een lichtpuntje dat door iemand wordt opgetild. Zo zijn we samen die berg van de Heer aan het bestijgen. Zo houden we samen het oog gericht op Gods toekomst, op het verbond dat God aanbiedt in zijn Zoon.