Mat. 25, 31 – 46
- Lezing
- Ezechiël 34, 11 – 12, 15 - 17
Kies dan het leven!
Ik mag u nu mijn meditatie delen, n.a.v. de beide lezingen. Eerst Deuteronomium.
Daarin lees ik het deze verzen 4 x ‘heden’ en 1 x ‘vandaag!’
Vandaag houd je mij jouw geboden voor die leiden naar een lang en gelukkig en vruchtbaar leven. Én je houd mij een ander leven voor: dat van ongeluk, dood een kort en vervloekt leven.
Ik ken het allebei, God. Het geluk en het ongeluk. De zegen en de vloek. Leven en dood. Je geeft vandaag een gebod: jou lief te hebben en jouw wegen te bewandelen. Maar tegelijkertijd: je laat de keuze aan mij! Je laat mij de vrijheid om te kiezen. Al wil je, dat ik voor het leven kies, want jij wilt ons geluk. Maar: ík kan voor leven kiezen, of voor dood. Vandaag kies ik het leven, onontkoombaar. Ben ik jou toegewijd.
Maar vaak genoeg is het anders. Hoe makkelijk dwaal ik af, met mijn gedachten, met mijn daden. Niet luisteren naar jouw geboden gebeurt zo snel, in de drukte van de dag; opgaan in nieuwe, andere belevenissen, die prioriteit geven uit eigen gedrevenheid. Afdwalen van mijn hart, van jouw woord in mij. En dat bréngt eenzaamheid, onrust, ontevredenheid. Dus ongeluk en dood.
Luisteren naar jouw woord, vraagt erom tijd voor jou te maken, even stilstaan, even stil zijn. Zodat ik jou in de stilte kan horen spreken. En vaak dan direct weet, wat mij te doen staat. Want jouw woord is dichtbij, in mijn mond en in mijn hart. Het zijn vaak de dingen die ‘vandaag nog gedaan kunnen worden.’ Die een dringend beroep op mijn innerlijk doen, terwijl ik ze niet zelf bedacht of gewenst had. Hele gewone dingen, zoals dat kaartje sturen, of iets opruimen dat in de weg ligt (dat kan de was zijn, maar ook een verkeerd aangeslagen toon naar iemand anders). Voor de hand liggende zaken, want het woord is dichtbij en niet ver weg. Maar het doet wel iets wezenlijks: er ontstaat harmonie door, het brengt vrede, het stelt orde op zaken. Kortom: het maakt gelukkig, het bouwt leven op, het schept toekomst.
En dan Matteüs:
In dat hoofdstuk wordt geschetst, hoe het eruit ziet bij het laatste oordeel, zoals dat boven dit stukje staat. Het laatste oordeel? Ik lees dat nu als het uitéindelijke oordeel. Dát, wat overblijft, als ik alle franje, alle afleidingen, alle waan van de dag loslaat en me afvraag: Waar gaat het nu eigenlijk écht om in het leven? Terugkijkend over geleefd leven heen; welke keuzes heb ik dan gemaakt en brachten die leven? Niet om door Jezus geoordeeld te worden, maar om te onderzoeken welk oordeel ik over mezelf, mijn leven heb afgeroepen?
Jij Jezus, vult concreet in wát dan de voorschriften en bepalingen inhouden waar het in Deuteronomium over ging. Hóe je God bemint, n.l.: door acht te slaan op je omgeving en de mensen die dat nodig hebben, te helpen.
Niet één soort hulp, nee, hulp aan iedereen! Armen, gevangenen, zieken, eenzamen, enz... Ik raak bevangen door steeds opnieuw die opsomming van al die hulpbehoevenden. Hoe kan ik dat allemaal lenigen! Ik doe nooit genoeg. Zet mij maar bij de bokken!
Maar nu komt terug: de geboden die ik vandaag krijg, zijn niet te zwaar voor mij. Niet ver weg. Ze zijn in mijn hart. Ik kan ze volbrengen! Het is genoeg, om vandaag te doen, wat God mij vandaag influistert als ik naar Hem luister. Dan ben ik vandaag één van zijn rechterhanden en zal Hij mij niet links laten liggen, maar mij laten leven in wat zo mooi omschreven staat ‘het koninkrijk dat vanaf het begin van de schepping voor ons klaarlag.’
Elke dag weer.